
Golf van Biscaje
Op 29 juli ’s ochtends varen we in Camaret nog even naar de kant om water te tanken en de hond uit te laten.Terwijl we aan ons ontbijtje zitten, zien we dat onze achterbuurman zijn boot wil draaien om met de kop in de wind te liggen. Wat een schouwspel: hij laat zijn vrouw op de kant staan, met 1 landvast in haar handen, waarvan het uiteinde op een lier van de boot zit, en probeert met motor en boegschroef de boot de draaien. Dat gaat niet lukken dus.Er komt nog een schip binnen gevaren. Waarop een zwarte vlag met een geel kruis erin wappert. Paula vraagt aan Gijs of hij weet van welk land die is. ”Met een geel kruis, zei je? Oh, die is van een incontinentie-vereniging!“.
We pakken ons boeltje in en gaan met windkracht 4 op pad naar Noord Spanje. Een mooi zonnetje, maar een ‘vreemd zeetje’; waar is de deining waar iedereen het over heeft?
We varen aan de wind en om comfortabel te zeilen kunnen we een koers van 210 graden varen.De eerste dag hobbelen we nog aardig over de golven heen. Onze windvaan ‘Mickey’ (vanwege de mickey mouse oren aan ons stuurwiel) doet het perfect. Daar hebben we geen omkijken naar.Onderweg vissen we. En jawel hoor, 3 makrelen dus ons kostje is weer gekocht. ’s Avonds eten we gebakken vis met aardappelpuree en een lekkere salade.Om 20.00 uur beginnen we met onze wacht van 4 uur op 4 uur af. Merak doet daar niet aan mee en slaapt gewoon door.
Op zee is er een prachtige zonsondergang en nu ook iets meer wind, zodat we gereefd de avond in gaan.Het is een halfbewolkte nacht. De wolken zien er vreemd uit, grote donkere vlekken en afgeplat aan de onderkant. Het ziet er dreigender uit dan het is. Af en toe valt er een buitje en is er wat meer wind, maar dat is meestal maar van korte duur.Waar geen bewolking is zien we aan de hemel ontelbare sterren, zoveel dat je zelfs de sterrenstelsels niet meer herkent. Prachtig.
’s Nachts horen en zien we de eerste dolfijnen die een bezoek aan onze boot brengen.We kijken wat uit over zee tijdens onze wacht, maar er valt niet veel te zien. We komen per nacht slechts 1 schip tegen. Als we zeilen snoepen we eigenlijk nooit tussen de maaltijden door. Dit keer hadden we een onoverkomelijk trek en tijdens de oversteek ging alle drop op, diverse pakken koek, worst, kaas en chocolade repen. En zelfs de vieze Franse schuimpjes die we in Camaret hadden gekocht (alle kleuren van de regenboog, met een smaak als de ouderwetse bazooka kauwgom).
’s Ochtends hebben we Merak aangelijnd en uitgelaten over dek, want hij heeft nog niks gedaan (18 uur na vertrek). Hij drentelt wat, doet niks en plast zich uiteindelijk helemaal leeg. Volgens ons straalt nu de opluchting van zijn kop af. Maar ja, meneer moet nog een grote boodschap doen… Later op de ochtend opnieuw aangelijnd, maar nee hoor, dat doet ‘ie niet. Dan maar rigoreus en het middel van de dierenarts gebruiken.Terwijl Paula het binnen ophaalt en naar buitenkomt, staat Merak als de onschuld zelve op het achterdek en loopt weg als Paula naar hem toeloopt. Alsof hij wist dat hij een laxeermiddel zou krijgen is ‘ie blijkbaar zelf maar wezen toiletteren op het achterdek. Laxeermiddel opgeborgen en dat hoeft niet meer tevoorschijn te komen, want hij gaat nu gelukkig zelf naar het achterdek als hij moet.
We zeilen nog steeds aan de wind, en nu wordt de golfslag wat vriendelijker en aan boord het koken en slapen ook prettiger. We gooien de paravane nog een keer uit, en hebben beet. Als we hem binnen willen halen, staat er erg veel kracht op de lijn. Het lukt bijna niet om hem binnen te krijgen. Dan ineens gaat het heel makkelijk en blijkt dat ons hele vistuig eraf is. Het bevestigingshaakje is compleet verbogen. Tsja, dan maar met de reel vissen. Een aantal keer hebben we beet. Ratelend gaat de vislijn verder uit. Gijs haalt de lijn binnen en dat kost heel veel moeite. Wat moeten dat voor vissen zijn? Uiteindelijk is de lijn binnen, zonder vis., die is eraf. We troosten onszelf (ahumm…) met de woorden:“ die had toch niet in de pan gepast“ .
In de nacht trekken er weer een aantal buitjes over en tegen de ochtend gaat de motor aan, want er staat wel erg weinig wind.Merak wandelt zo nu en dan over het dek en heeft het verder wel naar zijn zin.We hebben gepland om naar La Coruna te gaan, maar komen erachter dat we met deze snelheid om ca. half twee ’s nachts aankomen. De ria de Cedeira is zo’n 28 mijl dichterbij en daar zouden we om half 11 of zo binnen kunnen lopen en dan is het nog niet helemaal donker. We gaan voor Cedeira.
Zo’n 65 mijl voor Cedeira kunnen we de Spaanse kust al zien. Bergachtig en blauwe lucht.Nog steeds varen we op de motor en opeens hebben we een hele school dolfijnen om ons heen. Ze blijven zeker 20 minuten mee zwemmen. Zo af en toe springt er eentje hoog uit het water en klapt met zijn staart op het wateroppervlak. Wat een mooi schouwspel!12 mijl voor Cedeira zien we de zon langzaam ondergaan, met roze, lila en paarsige kleuren…..We lopen de baai van Cedeira binnen en kunnen de omgeving nog goed zien in het ”nautical twilight“.
De McMillans pilot, door ons tegenwoordig de Okki genoemd vanwege de nieuwe naam van de gids, (Volgend jaar wellicht een uitgave van de Taptoe?) beschrijft het als een baaitje waar je goed kunt ankeren met een kade voor vissersboten.
We varen de prachtige baai binnen en laten het anker vallen.
Na een tocht van 59 uur waarvan het grootste gedeelte gezeild, in de golf van Biscaje die zich van zijn lieflijkste kant heeft laten zien, zijn we in Spanje aangekomen.Het komt ons nog heel onwerkelijk voor.
De volgende ochtend gaan we met Merak naar het strand en die is werkelijk door het dolle heen. Bokkesprongen, rennen, zwemmen. Hij leeft zich helemaal uit!’s Middags gaan we naar het stadje en genieten van de Spaanse drukte om ons heen. Heerlijk en wat een andere sfeer dan in Frankrijk.
La Coruna
We besluiten toch nog naar La Coruna te gaan, want we hebben er al veel over gehoord. ”Iedereen gaat er naar toe“.Het is bijna een cultuurschok als we aankomen. Van een rustig door bergen omgeven baaitje komen we ineens in een haven die ons aan Rotterdam doet denken. Flatgebouwen, kranen, grote schepen en een luxe marina.We zijn blij dat onze eerste kennismaking per boot met Spanje de ria de Cedeira was.Maar Coruna is behalve modern ook een leuke stad. Er is een oud centrum met veel kleine straatjes, eettentjes en barretjes. Beregezellig.Het is dus echt net Rotterdam.
’s Avonds gaan we er eten. Op zoek naar de tapas! Nou, je hoeft in ieder geval niet ver te zoeken. Nu is ons Spaans abominabel slecht en we weten maar half en half wat we bestellen. Wel dat het vlees of vis is en afwachten wat er op tafel komt…… Heerlijk!We blijven nog een dag en doen wat klusjes aan boord. (Ja, dat heb je met een boot, of niet soms?).
De werkbank komt naar buiten. Gijs gaat aan het werk met de ophouder van de giek van de bezaanmast; er worden wasjes gedraaid; de vuilwatertank geactiveerd; brood gebakken; reisverslag geschreven en …. siesta gehouden. (Je moet je wel een beetje aanpassen in een vreemd land, toch? Haha).