Portugal


We blijven  zo’n 7 dagen in Baiona en dan begint het te kriebelen. We willen verder. Als de wind goed staat en er geen mist is vertrekken we richting Portugal. Nog 1 dagje wachten en dan is het zover. We gaan naar Pavoa de Varzim. Het grootste deel zeilen we met een fantastische oceaandeining. Lange trage golven. Het laatste stukje moeten we op de motor varen want de wind valt weg. Povoa de Varzim is een moderne stad. Grote boulevards langs het strand, veel kunstwerken. Geen schattig Portugees vissersplaatsje dus. Maar wel leuk. Er speelt een band met muziek a la Doors en de mensen in de haven zijn erg vriendelijk. ’s Avonds is er een schitterende zonsondergang en de lucht heeft op het laatst kleuren blauw zo divers, zoals je waarschijnlijk alleen op een schilderspalet zou zien. De volgende dag, na wat inkopen te hebben gedaan, vertrekken we naar de haven van Leixoes, want we willen Porto graag zien.



Leixoes


Een kort stukje zeilen, maar wel leuk. In Leixoes is de haven gesloten, want vorig jaar zijn er twee explosies van olieleidingen geweest. De haven en marina gebouwen worden opgeknapt en er komen nieuwe steigers. We ankeren in de voorhaven. Meerdere mensen komen op het idee, waaronder een Fransoos in een gele Ginn Fizz. Hij ‘parkeert ‘ de boot pal voor de onze en we vertellen hem in ons beste Frans dat dat niet handig is. De zot gooit nog 15 meter extra ketting uit en zegt dat het zo beter is. Hij ligt nu 1 meter achter ons schip. Het voelt niet goed, en we wachten nog even af. Er staat weinig wind en het lijkt goed te gaan. Maar… ’s nachts worden we wakker van een klap en jawel, de gele schuit zit boven op de onze, aan de zijkant van ons schip. Doordat er geen wind staat en wel stroming in de havenkom, draaien de boten om hun anker alle kanten op. Wij naar buiten, Gijs spingt in de open spiegel van de gele boot en duwt hem van ons schip af en klimt terug aan boord. De Fransman komt naar buiten, zegt niets trekt 2 meter ankerketting binnen en gaat als een haas weer naar binnen. Bij Gijs komt de stoom inmiddels uit zijn oren. Hij  springt in het bijbootje, roeit naar het schip en klopt op de boot. Als een duveltje uit een doosje verschijnt de Fransman weer. Gijs: ik heb je al eerder gezegd dat dit niet gaat, dus anker maar ergens anders. Als jij je anker niet ophaalt doe ik het wel voor je. Hij haalt nog eens 10 meter binnen zegt niks en duikt weer zijn bootje in. We worden er niet echt blij van. Als hij morgen niet weggaat ankeren we zelf maar ergens anders, want anders gaan we niet met een gerust hart naar Porto. Tot onze opluchting vertrekt ‘ie ’s ochtends vroeg en kunnen wij Porto bezoeken.


Porto


We lopen naar het busstation net buiten de haven, maar helaas mag Merak niet mee. Dus met de benewagen een eindje richting stad en nemen we iets verderop een taxi. Het is een stralende dag en Porto is werkelijk fantastisch, prachtige oude gebouwen en straten, wederom leuke terrasjes en een mooie boulevard langs de Douro, waar de schepen met Port-vaatjes, zoals ze vroeger vervoerd werden, liggen. We bezoeken ook nog de vogeltjesmarkt en gaan ergens een hapje eten. Aan het eind van de dag lopen we terug langs de Douro naar Leixoes en genieten van de rivier en het landschap om ons heen. Het is wel een eind, tussen de 8-10 kilometer, maar zeker de moeite waard. Moe, maar voldaan keren we terug naar onze boot.



De volgende ochtend krijgen we bezoek van de havenpolitie. De agent, Mario, spreekt goed Engels en kletst ons de oren van ons hoofd. Merak gaat naast hem zitten en legt zijn kop te rusten op het holster met pistool van Mario! Binnen een half uur weten we dat hij honden geweldig vindt en dat hij er zelf ook 2 heeft. Zijn vader heeft een maand in het ziekenhuis gelegen, ze houden beiden van jagen etc etc. Of Gijs nog wel even naar het douanekantoor wil roeien, want daar moeten we ons ook nog melden. Zo gezegd, zo gedaan.Dus roeit Gijs nog even naar de kant. Daarna varen we af om naar Aveiro te gaan. Een kort maar heerlijk zeiltochtje.


Aveiro


We ankeren in de eerste kom bij het strand. De douane komt weer langs en we mogen blijven liggen. De volgende dag komt er weer een douanebootje. De beambte vindt dat we te dicht bij het strand liggen en zegt dat we er minstens 300 meter vandaan moeten liggen of naar de baai gaan, die iets verderop ligt. Ook komt een vissertje langs, die ons in het Frans en in het Engels vriendelijk vertelt dat het in de baai beter is. Na ons ontbijtje lichten we het anker en varen de rivier op naar de baai van S. Jacinto. We hebben zo’n 4 knopen stroom mee, dus het gaat wel erg hard. In de baai liggen we echt helemaal beschut, geen stroming geen swell; perfect dus.



We gaan aan land, want we willen Aveiro wel zien. Klein Venetie staat er in de gids. We zijn benieuwd. Met de pont kunnen we naar Forte Barro en vandaar uit verder met de bus. Hopelijk mag Merak hier wel mee. Helaas. Ook deze buschauffeur weigert hem mee te nemen. Dan maar lopen, het zou zo’n 5 kilometer zijn. Na 5 kilometer komen we in een dorpje, het is warm en het is nog geen Aveiro. Op het enige terrasje dat er is ploffen we neer en nemen een biertje. Toch maar even vragen hoever het nog is. De jongen die ons bedient begrijpt er niets van en haalt er iemand bij. Deze goedlachse Portugees vertelt ons in perfect Engels dat het nog 8 kilometer is. Hij heeft een schildersbedrijfje, is met lunchpauze en vindt het leuk ons naar Aveiro te brengen zegt hij. Na wat heen en weer gepraat accepteren we zijn aanbod en gaan met zijn drieen met Carlos mee naar Aveiro. Geweldig leuk dat hij dat voor ons wil doen. Hij praat over de bosbranden, die grotendeels aangestoken zijn en over de Portugese politiek, die hem blijkbaar niet zint. Carlos heeft vroeger op de grote vaart gezeten en is meerdere malen in Rotterdam geweest horen we van hem. We nemen in Aveiro uitgebreid afscheid en gaan op weg om de oude stad te bezoeken.Het doet een beetje aan Nederland denken. Klok- en trapgeveltjes, huizen zoals je die bij ons ook ziet. Watertjes, kanaaltjes erg leuk om te zien. Vooral de mozaiek-bestrating; de gekleurde huisjes en de schilderingen op de tegels. Klein Venetie vinden we ietwat overtrokken, maar het is wel een schitterend stadje. Als we foto’s maken worden we aangesproken door een Portugees meisje, die begint uit te wijden over het laten verpauperen van het Portugese erfgoed door de overheid. En dat juist in Nederland en Duitsland daar zo goed mee omgegaan wordt. Wel vindt ze dat we zeker naar Lisboa (city of the 7 hills) moetne gaan.Uiteindelijk nemen we voor 8 euro een taxi terug.


Nazaré


Van Aveiro varen we naar Nazaré. De kust wordt steeds platter en het lijkt haast of we langs het Nederlandse strand varen. Bij Nazaré wordt het weer wat rostachtiger. Prachtig aanvaren is het naar dit mooie baaitje richting haven. De haven is vol, dus mogen we aan de visserskade. Het is laag water en we moeten een ladder zien aan te varen om op de kade te komen. Als dat uiteindelijk lukt staat de douane ons al op te wachten. Of we eerst de boot aan mogen leggen, vragen we. De beambte loopt over van vriendelijkheid en wacht geduldig totdat wij naar onze zin hebben afgemeerd met lange lijnen en lange springen. Paula gaat mee naar het kantoor, waar de man in het Engels zegt: feel as if this your home. Nou……zo’n hokje van 1 bij 2?Na dat het hele circus is afgehandeld moeten we nog langs de security-officer en helaas dik betalen om aan de kade te liggen. Merak wordt de trap opgezeuld om uitgelaten te worden, en meteen belaagd door een hele kudde zwerfhonden, wat ‘ie niet echt leuk vindt. ’s Avonds komen nog wat vissersboten binnen, waarvan bij 1 de bemanning wel heel uitgelaten is. We zien het net vol met grote vissen van meer dan 1 meter lang (tonijnen wellicht?).


De volgende dag besluiten we om te vertrekken, want we liggen aan die open kade niet echt prettig en met de hond is het ook geen makkie om die steeds naar boven te sjouwen.


Peniche


Van Nazaré zeilen en motoren we een deel naar Peniche. De kust wordt hier alweer wat heuvelachtiger. Peniche is een leuk stadje met een fort aan zee. We ankeren er in de haven en blijven er drie dagen. Het water is helder en de vissen om ons heen springen af en toe uit het water. De eerste avond komen we de Sula of Falmouth tegen die we in Combarro en Baiona ook hebben ontmoet. We worden ’s avonds uitgenodigd voor een waarlijk feestmaal met en rijkelijke hoeveelheid alcohol aan boord van de Sula en brengen er een hele gezellige avond door. De volgende dag klussen we wat aan onze boot. (we = eigenlijk Gijs, want Paula gaat op zoek naar een internetcafé en gaat wat boodschappen doen). Na 3 dagen besluiten we te vertrekken. Het regent, voor het eerst sinds meer dan een maand. We varen af en zeilen de haven uit op weg naar Cascais, zo’n 45 mijl. Het wordt al snel weer zonnig. Onderweg maakt Paula, daarna iets minder zonnig, voor het eerst in 3 jaar kennis met de giek. Een bult, hoofdpijn en een misselijk gevoel, dus gaat ze voor een paar uur te kooi. Gelukkig gaat het daarna weer prima.De wind neemt af, en we zetten onze halfwinder. Uiteindelijk neemt de wind zoveel af dat we nog maar 3 knopen gaan en we besluiten op de motor verder te gaan omdat we anders om 3 uur ’s nachts pas aankomen.Vlakbij Cascais begint het hard te waaien, zo’n 2 mijl voor de haven (veel te laat helaas). We gaan de prachtige baai binnen en laten het anker er op een mooie plek vallen.


 


Cascais


Als we voor anker liggen wemelt het ’s avonds van de vissersbootjes om ons heen. Allemaal met grote TL verlichting of lampen bevestigd onder de boot. Ze vissen met een lijntje in de hand en het is een vreemd gezicht al die lampen in het water. De volgende ochtend gaan we naar Cascais. De citadel van Cascais, wordt momenteel gerestaureerd en staatin de steigers. Het is een leuke, toeristische plaats. We komen veel Engelse gevelaanduidingen bij de winkels tegen. Er wordt zelfs een Portugese krant in het Engels verkocht, die we kopen om eens te lezen wat er in Portugal allemaal gebeurt. We wandelen door de heerlijke winkelstraatjes en bezoeken een boekwinkel, waar zelfs Nederlandse boeken! worden verkocht. Als we met de doggy-dinghy terug willen varen naar onze boot waait het inmiddels behoorlijk. Er komt niet zomaar een beetje water over, maar werkelijk met bakken komt het het bootje binnen. We moeten er wel om lachen, want onze voeten staan in het water als we aankomen (gelukkig zitten alle boodschappen –verse sardientjes, brood en een paar boeken- in plastic zakken) en we zijn tot op de draad toe nat van het water. We pellen ons uit onze kleding en hangen het te drogen op de boot. Het waait ondertussen een dikke 6 bft met uithalers naar 7 bft, maar we liggen verder prima beschut in de baai van Cascais.


 

Het is nu 23 september en sinds Cascais is er veel gebeurd. We zitten nu in Alhao, vlakbij Faro in Zuid Portugal met zo'n 28 graden, volop zon; de droogste periode in jaren volgens de Portugezen. Voor hen minder, maar wij vinden die warmte wel prettig!. Ons verhaal van de belevenissen sinds Cascais (route Lissabon-Sesimbra-Sines-Portimao-Olhao) volgt de volgende keer....

 

© Sortilège - 2005

Website Building Software: