
Venezuela
8 juli, we vertrekken om 7.00 uur ’s ochtends voor weer een nieuwe bestemming: Venezuela. We gaan eerst naar Los Testigos (witnesses islands), zo’n 620 mijl varen.
Het weer is erg onbestendig en we hebben veel werk aan de zeilvoering door de squalls. Soms zijn de golven ook behoorlijk hoog. Met een dubbel rif in het grootzeil en uitgeboomde fok varen we op 11 juli door de Galleons Passage tussen Trinidad & Tobago. Met de stroom mee varen we tussen de 7 en 8 knopen. Hard dus en dat betekent dat we Los Testigos bij nacht aanlopen. Het is droog en helder weer, met ’s avonds een volle maan en we hebben gelukkig goed zicht.
We zien ’s nachts de mooie contouren van de rotseilanden en varen naar onze bestemming: Playa Tamarindo. We zoeken een plekje en laten het anker vallen. Als we in de kuip zitten en genieten van de sterrenhemel en het geluid van de branding op het strand, kijken we elkaar aan: heerlijk om weer op zout water te liggen!
En…de volgende ochtend zien we Los Testigos bij daglicht. Helder blauw water, wit strand met palmboompjes, fregatvogels en pelikanen en de mooie ruige heuvels. Een paar huisjes waar de vissers wonen en verder niets, leeg, natuur en stilte. Genieten dus.
We zwemmen in het heldere water en ontdekken nog wat leuks. We hebben geen aangroei aan de boot, nul-zero-niente!, perfect dus die wisseling van zoet en zout water! Scheelt weer een hoop poetswerk onder water!
We gaan aan land en melden ons bij de guardacosta (kustwacht). Inklaren kan hier niet, maar je moet je wel aanmelden. Zonder visum kun je meestal een dag op de eilanden verblijven .
Aan land blijkt er een klein barretje/restaurantje (Erotica-Te) te zijn. Chucha is de eigenaresse en ze vertelt over het eiland en Venezuela. Ze maakt heerlijke visgerechten en we spreken af er morgen te gaan eten.
Op de Inmarsat komt een berichtje van Hans en Anja van de Fiddlesticks binnen, zij komen een dag later en zijn morgen op Los Testigos. Leuk, leuk, leuk: gezellig een half jaar bijpraten.
De volgende ochtend zitten we vroeg in de kuip koffie te drinken, en jawel hoor, daar komt de Fiddlesticks binnenlopen. Als ze voor anker liggen varen we met de dinghy er naar toe en….ja hoor, we mogen aan boord komen, haha!
’s Avonds eten we bij Chucha: heerlijke bonito met salade en rijst, en een lekkere wijn. Een lekker maal, veel vis en erg goedkoop.
De volgende dag maken we met zijn vieren een wandelingetje over het eiland en komen we aan de andere kant uit. Er liggen ontzettend veel schelpen, maar ook erg veel plastic flessen en andere rommel. Jammer dat er zoveel in de zee gedumpt wordt.
Gijs weet een andere weg terug en wij volgen hem over een soort geitepaadje. Maar het wordt steeds smaller en dan, tsja……, einde geitepaadje. En daar sta je dan met zijn allen tussen de cactussen. Heeel voorzichtig banen we ons een weg er tussen door. Stekels in onze schoenen en af en toe eentje in een teen, ook Merak ontkomt niet aan een ontmoeting met een cactus, maar uiteindelijk zijn we weer op een ‘echt’ pad uitgekomen. Gijs heeft sindsdien wel heel bijzondere schoenen. Als je naast hem loopt hoor je pssssjjjjitt, zjoet-pssssjjjjjit,zjoet.
Omdat Chucha zo lekker kookt, gaan we nog een keer vis eten. We hebben gezegd dat we komen en ze gaat de hele dag op pad met de vissers om vis te vangen.
De Zeevonk gaat ’s avonds ook eten en we zetten wat tafels bij elkaar en eten gezellig met zijn 9-en. Chucha maakt Wahi-Wahi, een grote rode vis die niet eens op je bord past. Heerlijk!
We willen betalen en dat is een beetje moeilijk voor Chucha. Ze kan niet goed tellen, dus wordt haar dochter (een jaar of 12) gehaald om het na te rekenen met een calculator, wat ook niet echt lukt. Het is veel te weinig en Anja en Paula rekenen het uit en betalen het juiste bedrag. De fooi doet Chucha in een potje voor schoolgeld voor haar dochter.
Op 16 juli vertrekken we naar Porlamar op Isla Margarita. Een mooi voor de winds rak brengt ons in 9 uur er naar toe.
We ankeren in de baai en melden ons de volgende dag bij Juan (marina Juan). Juan heeft een dinghy dock en een kantoortje. We geven onze bootpapieren bij hem af voor de inklaring. We hadden al gehoord dat je in Venezuela niet kunt pinnen en hadden daarom dollars meegenomen. We wisselen wat dollars bij Juan tegen een goede koers. In ieder geval beter dan de koers bij de bank en zeker beter/veiliger dan te wisselen op straat of zo.
Juan raadt aan voor de veiligheid met de taxi naar de stad te gaan en niet te voet of met de bus. Een taxi kost euro 1,70 dus dat zijn de kosten niet! En…ze hebben er hele oude taxi’s, van die jaren 60-70 auto’s. Erg leuk om daar in te zitten!
Met Anja en Hans gaan we naar het centrum van Porlamar en we kijken er een beetje rond. Wel wennen, na het rustige Los Testigos, al die auto’s en die herrie die op je af komt!
Porlamar is een echte moderne stad met veel flatgebouwen, hotels e.d. Isla Margarita is ook erg toeristisch, het staat bekend om de mooie stranden en het heldere water.
(De stranden zijn wel erg smal!).
In de baai van Porlamar liggen een 100-tal boten en we komen weer een aantal schepen tegen die we voor het laatst op de Kaap Verden of in Brazilië hebben gezien. We gaan een paar keer naar het happy hour op de kant en kletsen met andere zeilers over ……….(varen dus!). Iedere ochtend wordt er op het marifoonnet het weerbericht doorgegeven en horen we eventuele informatie en wetenswaardigheden van andere zeilers. Ook wordt iedere dag gewaarschuwd om je dinghy op te takelen of aan dek te leggen. Juan heeft bij zijn kantoor een notitie hangen: Dinghy? Lift it and lock it or lose it!
We horen wel van mensen die overvallen of beroofd zijn, maar voelen ons niet onveilig hier.
We zijn naar Isla Margarita gegaan om boodschappen te doen, want Venezuela is erg goedkoop en taxfree. Een goede plaats om de boot vol te laden met levensmiddelen en zo want de rest van de Carieb is erg duur. Juan organiseert 5x per week gratis busvervoer naar 3 verschillende supermarkten/winkelcentra en het lijkt wel of we iedere dag boodschappen doen. De boot zit bijna nokvol en we liggen al weer een beetje dieper!
Van Isla margarita hebben we eigenlijk nog niet veel gezien en samen met Hans en Anja maken we een rondtocht over het eiland. We spreken een prijs af met Arturo en vertrekken in zijn ‘red red wine’ (met airco, jawel!) voor een dagje eiland-sightseeing. Hij rijdt langs mooie baaitjes en stranden, stopt bij uitzichtspunten of plekken waar wij willen. Margarita is het grootste eiland voor de kust van Venezuela en behalve een populair vakantieoord ook in trek vanwege de taxfree aankopen die je er kunt doen. Er is een warm en droog klimaat, mooie stranden en het ligt buiten het hurricanegebied, dus is het bij zeilers ook erg in trek! Het landschap is mooi, maar qua cultuur is er niet echt veel te zien. We maken onderweg nog een stop in La Asuncion, in de bergen. Het plaatsje is opgericht in 1565 en heeft nog oude gebouwen, een groot verschil met de torenflats van Porlamar. We bezoeken ook het castillo, een soort fort van waar Simon Bolivar de strijd voor de onafhankelijkheid van Venezuela is gestart.
Een gezellig, vermoeiend dagje, want Arturo spreekt alleen Spaans, maar met ons beetje Spaans en wat handgebaren komen we er gelukkig toch wel uit.
We maken ons laatste bolivars op aan boodschappen en vertrekken samen met de Fiddlesticks op 5 augustus via Isla Cubagua naar Tortuga. We ankeren bij Playa Caldera in onzettend mooi azuurblauw water. Het lijkt wel of we voor anker liggen in een vakantiefoldertje, maar dit is echt. Daar liggen we dan toch weer mooi op zo’n paradijselijk eilandje! We gaan nog een keer snorkelen met Hans en Anja in een baaitje bij een rif. Erg mooi onder water met al die visjes die we alleen uit boeken of aquariums kennen!
Hans en Anja blijven hier nog liggen en wij vertrekken op 9 augustus naar Las Tortuguillas (de schildpadjes). We ankeren tussen de 2 koraaleilandjes in, in prachtig mooi water. Dit is waar je het voor doet, zeggen we: paradijselijk mooi en geen andere boot in de buurt.
We gaan snorkelen en zien koralen met bijna surrealistische vormen, waar we tussen door zwemmen. Er zijn barracuda’s, koffervisjes, papagaaivissen, grote keizersvissen, zeeslakken en –komkommers en we zwemmen door een grote school sardientjes heen! Geweldig zo mooi. Ook de eilandjes zelf zijn mooi en we vinden er veel schelpen. Ook een hele grote Contsche-schelp.
Las Tortuguillas vinden we geweldig mooi, we blijven er nog een dagje om te snorkelen bij de riffen en te genieten van dit kleine paradijsje..
Op 11 augustus gaan we ankerop en vertrekken we naar Los Roques. Het is 100 mijl en we willen bij daglicht aankomen, om bij het rif gemakkelijk naar binnen te kunnen varen. Eerst hebben we weinig wind en gaan we traag. De boot schommelt veel en Paula voelt zich een beetje zeeziek. Het bezoek van een hele school dolfijnen, wel een uur lang, doet veel goed! Wat later, tegen de avond, neemt de wind flink toe en varen we met een dubbelgereefd grootzeil en een stukje fok nog veel te hard en zullen zeker in het donker aankomen. We draaien zelfs de fok in, maar gaan nog meer dan 6 knopen.
We gaan niet naar Sebastopol maar naar Gran Roque, dat we ook ’s nachts kunnen aanvaren. Om half 4 gaan gooien we het anker uit bij Gran Roque.
Het is er mooi, het water is prachtig en de stranden hagelwit, maar wat is Gran Roque toeristisch! Veel poussada’s (herbergen) en de ene duikschool na de andere. Er is zelfs een vliegveldje waar een heuse Dakota staat!
’s Middags zitten we aan de kant, als we de Fiddlesticks de baai in zien komen varen! Leuk, komen we elkaar toch nog even tegen voor we naar Bonaire gaan.
We vertrekken samen van de drukke ankerplek bij Gran Roque en gaan naar Cayo pirata aan de overkant. Ook daar komt het snorkelgerei weer ‘uit de kast’ !
Bonaire
Maar dan moeten we er toch echt vandoor! We willen op tijd op Curacao zijn omdat we op 21 augustus bezoek uit Nederland krijgen.
14 augustus vertrekken we naar Bonaire, mooi windje rustig zeetje, niemand ziek!!! En met het grootzeil en uitgeboomde fok, zijn we na 19 uur varen op Bonaire.
Weer een totaal andere wereld dan Venezuela! Fel gekleurde huizen en….het is er schoon valt ons op. In Brazilie en Suriname, zagen we veel straatvuil, maar hier komt alles goed verzorgd en ‘clean’ over. Bonaire is overduidelijk het divers’ paradise. Je ziet er de ene duikschool na de andere!
Je kunt op Bonaire niet ankeren, dat is verboden. Maar er liggen voldoende moorings. Begrijpelijk dat je hier niet mag ankeren, want we liggen met onze boot ‘ in een aquarium gezellig over de wederzijdse avonturen!
Want zo voelt het nog steeds: wat een avontuur, wat een reis vol ervaringen!
18 augustus: Curacoa; het Spaansche water
klik op de foto om te vergroten